Zeiler, schrijver, wandelende watersport encyclopedie en nestor van de watersport journalistiek. Henk Bezemer is redacteur van het eerste uur van het blad Zeilen en heeft als zodanig onnoemelijk veel verhalen geschreven, boottesten gedaan, boeken besproken en niet te vergeten zelf ook veel mijlen gezeild. In zijn klassieker 'Vier zomers zeilen' beschrijft hij hoe hij met een waarschip 570 zonder kompas en moderne navigatie middelen solo naar de Azoren zeilt.

1. Na zoveel jaar een geheel nieuwe heruitgave van je klassieke boek. Hoe voelt dat?
Zeer vereerd natuurlijk. Maar er spelen ook andere emoties een rol. Allereerst werd ik al die jaren gevraagd of ik nog exemplaren te koop had. Er was dus belangstelling voor het boek. Bovendien ontstonden er legenden op internet over mijn reizen met ‘Zeilen’ waarbij ik hooguit mijn wenkbrauwen kon optrekken. Een voorbeeld: Zo schreef iemand een paar jaar geleden dat ene Henk Bezemer met een Waarschip 570 zonder elektronica de Azoren wist te vinden. Als je daar zelf op reageert vinden lezers van zo’n forum je al gauw een haantje dat zijn ego wil oppoetsen. Gelukkig reageerde iemand: ‘Eikel, hij had helemaal geen instrumenten, zelfs geen kompas! Lees “Vier zomers Zeilen”.’ En dat kon niet meer, want het was uitverkocht.

De derde emotie heeft hier mee te maken. Ik vind het ronduit jammer dat mensen de laatste twintig jaar in rap tempo hun verstand in de ijskast zetten als het om zeevaart en navigatie gaat. Ik heb niets tegen elektronica, maar wel wat tegen de afstomping van het gezond verstand wat daarmee gepaard gaat. Denk na, je hebt er op zee alle tijd voor!

 

2. Welk moment uit je reizen met de Zeilen staat je nog het helderst voor de geest?
Ergste moment: Op de eerste reis. Mijn hart stond letterlijk stil toen mijn loglijn over de kop van een slapende potvis schraapte, het beest wakker werd en na een rochelende snuif naast me onderdook.

Mooiste moment: toen ik na een kleine drie weken ‘houtje-touwtje-navigatie’ ineens puur recht voor de boeg iets groens tussen de wolken ontwaarde dat alleen maar Terceira kon zijn.

Het aller, allermooiste moment: toen ik op de eerste reis terugkeerde in Amsterdam en op de De Ruyterkade voor de stamkroeg van het maandblad Zeilen al mijn collega’s en vrienden stonden te juichen, ik de boot tegen de kade stuurde, mij een pint bier aangereikt werd en mijn liefste in mijn armen sloot.

 

3. Was je tijdens de reis wel eens bang dat je de Azoren niet zou vinden?

 Ik was niet zozeer bang dat ik de Azoren niet zou vinden, maar wel dat ik nog dagen zou moeten zoeken voor ik een Azoor in zicht zou krijgen. Hoewel ik daar vanaf het eerste moment rekening mee gehouden had, zou dat voor mijn gevoel een bewijs zijn geweest, dat mijn opzet mislukt was. En ik hou niet van mislukkingen, ergo, ik haat ze. Gelukkig bleek mijn navigatie achteraf heel wat nauwkeuriger dan in mijn kwalijkste dromen.


4. Heb je je zorgen gemaakt over mensen die je dit proberen na te doen?

Daar zeg je wat. Om eerlijk te zijn: ik heb me jaren zorgen gemaakt om opvolgers die hetzelfde probeerden, maar faalden. Er zijn wel opvolgers geweest van de eerste reis: met een kleine boot naar de Azoren en terug. Iemand – ik ben tot mijn schande helaas zijn naam vergeten – zeilde een jaar of wat later met een even grote dubbelender naar de Azoren en terug. We hebben zijn verslag nog in Zeilen gepubliceerd. Gelukkig was dat ook een beroepszeeman en liep dat avontuur goed af. Ook de Twentse studentenvereniging Euros zeilde met een kleine boot en zonder motor naar re Azoren en terug. Dat was geen soloreis, maar wel een opmerkelijke prestatie.

Er zijn ongetwijfeld meer die zich door mijn avonturen geïnspireerd voelden, maar daar weet ik dan weer niet van.


Henk Bezemer, Vier zomers Zeilen, ISBN 9789064105951, € 18,95 | Meer informatie en bestellen